Mijn leven is nooit saai, maar soms wel vermoeiend

patatTwee keer friet

Vrijdagavond, de kids zijn bij mij. “Wat zullen we eten?” Als ik het hardop vraag, weet ik het antwoord al. Dat wordt één van de drie p’s: patat, pizza of pannenkoeken. Het wordt friet. Mats wil het wel even halen. “Zal ik ze alvast bellen? Dan hoef je niet zo lang te wachten.” Voordat Mats weggaat vraagt hij nog even het briefje met de bestelling, anders weet hij niet meer. Één van de eerste keren dat hij voor een boodschap alleen op de fiets gaat. Ook wel spannend. Zo, tafel gedekt. Hmmmm, dit duurt toch wel lang. Geen teken van Mats. De telefoon gaat, de meneer van de cafetaria. De bestelling staat klaar, waar we blijven. De schrik slaat me om het hart. Ik ga achter Mats aan, maar daar komt hij al aan fietsen. Gelukkig! Terwijl we aan het eten zijn, gaat de telefoon weer. Weer de meneer van de cafetaria, waar we blijven. Eh??? We zitten al te eten. De meneer van de cafetaria is niet blij. Als ik Mats vraag hoe dit kon gebeuren, vertelt hij dat hij het briefje moest geven aan de mevrouw van de kassa. Dubbele bestelling dus. Godzijdank is Mats veilig thuis.

Kwijt, vergeten…

Zo lang ik weet, ben ik dingen kwijt. Zo kan ik me herinneren dat mijn vader en ik samen naar mijn bril hebben lopen zoeken, terwijl ik hem gewoon op mijn hoofd had. Achteraf ontzettend gelachen!
Laatst moest ik tanken. Nou heb ik een gastank in mijn auto. Er moet wel minimaal 10 liter benzine in mijn tank zitten voor het geval de gastank leeg is. Anders gaat de motor stuk. Het is al honderd keer door mijn gedachten gegaan. En eindelijk komt het er dan van en ga ik tanken. Als ik thuis kom brandt het lampje van de benzinetank nog steeds. Ik mopper over het feit dat het lampje kapot is en hoe ik dat nou weer voor elkaar moet krijgen. Ik heb zo’n hekel aan dat soort klusjes! Als ik het voorval aan mijn beste vriendin vertel, vraagt ze doodleuk: “Heb je wel benzine getankt en geen gas, zoals je gewend bent?” Eh? Fijn dat ze me zo goed kent! Tjonge, wat hebben we gelachen.
Laatst stond ik in een winkel en wilde pinnen. Kon ik toch mijn pincode niet herinneren? Gelukkig was Plien bij me en die vindt het erg leuk om voor mama te pinnen. “Plien, wil jij pinnen?” “Ja, leuk!” Godzijdank wist ze de pincode nog.

Het is wel vermoeiend, hoor

Ik heb afgesproken met mijn beste vriendin Nanette om een dagje te shoppen. Nou is zij net als ik, met net zo veel chaos. Wij liggen regelmatig dubbel en lachen tot de tranen over de wangen lopen om de dingen die we weer meegemaakt hebben. Ze is een geweldig mooi voorbeeld ook dat je ondanks die chaos enorm succesvol kan zijn en veel gedaan kan krijgen. Zij zit op het moment helemaal in de flow en is bezig met nieuwe websites, het schrijven van een E-book en nieuwe programma’s voor haar bedrijf en doet er ook nog even een studie naast terwijl ze ook gewoon een gezin heeft. Want ja dat hoort er ook bij. Superfocus. Heerlijk als je daar in zit. Het kost vaak een periode van broeden, maar dan krijg je heel veel meer super gave dingen gedaan.
Enfin, we hebben om 10 uur afgesproken. Ik ben (natuurlijk) zo’n 10 minuten te laat. Als ik aankom, zie ik dat ze gebeld heeft. Ze is nog onderweg. Als ze aankomt is het eerste wat ze zegt: “Het is soms ook wel vermoeiend, hoor! Het is ZO moeilijk om op tijd te komen. Het maakt niet uit hoe laat ik afspreek. Ik moest nog even tanken, de hond wilde niet poepen en ik was mijn sleutels kwijt.” Ik herken dat maar al te goed. Wat zou het fijn zijn als je dingen gewoon zou doen. Dat het meer van zelf ging. Uiteindelijk trekken we toch de conclusie dat ons leven eigenlijk veel leuker en smeuïger is dan het gemiddelde leven. En dat we door ons aparte brein super leuke dingen mee maken, we extreem leuk zijn ook al kost het soms heel veel meer moeite en moeten we soms ook door diepere dalen.

Gewoon anders?

Ja, leven met AD(H)D is vermoeiend. Vaak gaat het niet vanzelf. Maar ach het leven is ook zoveel leuker en spannender. Wat kan ik vreselijk lachen om alles wat ik mee maak (zeker achteraf). Het is ook een gave als je je energie gebruikt voor wat wél werkt. Want in de superfocus ontstaan ontzettend mooie dingen. En dan verzet je ineens heel veel werk. Zoals we vroeger de jagers hadden die andere eigenschappen hadden dan de landbouwers. En die waren niet geschikt voor elkaars werk. De jagers moesten meer durven, het vermogen hebben om zich kortstondig extreem te concentreren en te presteren waarbij het handig is dat alle prikkels uit zijn omgeving met dezelfde heftigheid binnenkwamen. De landbouwers die over een langere tijdsperiode hun werk met gelijke inspanningen moesten kunnen uitvoeren. De landbouwer moest werk kunnen leveren wat pas op een veel later moment beloond werd. Hiervoor is veel discipline en langetermijnplanning, nauwkeurigheid en het langdurig herhalen van dezelfde werkzaamheden nodig. Misschien is het geen stoornis, maar gewoon anders?

Babs: ADD’ er, ondernemer, alleenstaande moeder van drie kinderen waarvan een met ADD en een met ADHD.

Website

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

*