Warboel

rennenWat er aan de hand is?

Als ik tien minuten met je praat, kijk ik ondertussen zo’n vijf keer op mijn horloge. Of op mijn telefoon. Ik onderbreek je minstens net zo vaak. Niet omdat ik jou niet interessant vind, niet omdat ik haast heb, maar gewoon. Vaak heb ik het niet eens door. Alsof mijn brein orders geeft en mijn handen de bevelen klakkeloos uitvoeren. Mijn oren, ogen en voeten hebben dezelfde eigenschap. Vandaar dat ik heel vaak heel snel heel erg afgeleid ben.

Zeg mij dat ik jou terug moet bellen of een mailtje moet sturen en je hoort nooit meer wat van me. Vertel me drie keer wanneer je jarig bent en ik vergeet je vier jaar op rij te bellen op je verjaardag.

Zet me in een metro, tram of bus en het zweet breekt me uit. Hetzelfde gebeurt op het Centraal Station van een grote stad. Ook in kantines en aula’s overkomt het me. Prikkels. Ik neem onvrijwillig alles in me op. Me begeven op plaatsen waar heel veel mensen bewegen en praten, maakt me zenuwachtig. Heel erg zenuwachtig. Zonder directe reden.

Geef me deadlines en ik mis ze. Geef me huiswerk en ik maak het niet. Niet expres, maar omdat ik in de tussentijd honderd andere dingen doe. Portrettekeningen maken met een balpen, beetje teksten schrijven, zo af en toe contact opnemen met iemand die ik lang niet heb gesproken of ge-wel-di-ge ideeën uitwerken. Een strakke planning maken voor de dingen die ik moet doen, doe ik ook vaak. Vooral wanneer ik de dingen die ik uitschrijf eigenlijk gewoon op het moment van uitschrijven zou moeten.

Benader me vriendelijk en ik houd oprecht van je. Wees onaardig tegen me en je hebt voor me afgedaan. Voor altijd. Kwets me en ik luister de hele dag Damian Rice en Patrick Watson, in de heilige overtuiging dat ik lucht ben. Niets, niemand. En dat het daarom allemaal nooit meer goed zal komen.

Maar vraag me naar die ene grap van Cartman en ik geef je de bijpassende aflevering van South Park, inclusief complete verhaallijn. Zet een willekeurig nummer uit mijn 157 GB-muziekcollectie op en ik doe alles mee, vocaal en instrumentaal. Geef me een pak viltstiften en een wit blad en ik teken de skyline van Rotterdam tot in detail voor je na. Geef me een woord en je krijgt dertig woordgrappen of slogans, die dan allemaal te maken hebben met dat woord. Laat me iets doen dat me boeit en ik heb de focus van een spits op goal.

Ik ben namelijk zwart of wit. Ik ben dag of nacht, plus of min, top of tob. Ik ga van hier naar daar, van hot naar her en van de hak op de tak. Ik leef her en der, maar altijd in m’n eigen wereld. Vaak slaap ik vier uur per nacht en heb ik op één dag een aantal afspraken dat iemand anders over een week verspreidt. En op andere dagen wil ik helemaal niets of niemand zien. Dan wil ik alleen in de auto zitten, op een parkeerplaats aan het water. Bootjes kijken, tekstje schrijven. Piekeren. Alleen.

Ik heb een gevoel dat per dag meer wisselt dan een jochie wat z’n melkgebit aan het verliezen is en een brein dat net zo vaak stilstaat als de tijd. Ik doe terwijl ik denk en andersom. Alleen al bij het schrijven van deze tekst heb ik gedacht aan de aanstaande verjaardag van mijn vader, de mogelijke transfer van Carlos Tévez naar AC Milan, het feit dat ik m’n pas bestelde DVD van de Thunder Cats nog steeds niet binnen heb, het mysterie rondom de Anunnaki en het feit dat ik vanavond m’n bed moet verschonen.

Dit is mijn vloek en mijn zegen, mijn grote kracht en meest kwetsbare eigenschap. In mijn hoofd is het oorlog, mijn brein is een warboel.

Dat is er ADHDe hand.

Derek
Website

One thought on “Warboel

  1. Hatsikideeee 100%, kan er lang over zijn, kan er kort over zijn…maar het blijft voor de volle 100% herkenning!

    Leuk geschreven!

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

*